bootstrap template

FIETSEN MET JE DOBERMANN

Je kunt met je Dobermann gaan fietsen om hem zijn broodnodige dagelijkse beweging te geven, maar ook om conditie op te bouwen voor andere hondensporten waarbij topprestaties worden verwacht.

Fietsen is geen activiteit waar cursussen voor bestaan, trainen doe je gewoon zelf. Omdat je geen begeleiding krijgt, is het belangrijk dat je zelf zorgt dat je weet waar je mee bezig bent, zodat je op een verantwoorde manier aan de conditie van je hond kunt werken.

Wat leert je hond?

Hij leert natuurlijk netjes naast de fiets te lopen, maar belangrijker is dat hij een goede conditie opbouwt. Dat je zelf ook lekker lichamelijk bezig bent is mooi meegenomen.

Wanneer beginnen?

Teveel belasting is erg slecht voor onvolgroeide botten en gewrichten, een Dobermann moet ongeveer tien maanden tot een jaar oud zijn voor je serieus met hem mag gaan trainen. Wennen aan het lopen naast de fiets kan al wel eerder, vanaf zo'n zes maanden. 

Begin door te wandelen met de fiets in je linkerhand en je aangelijnde hond in je rechterhand. Als dat goed gaat ga je aan de andere kant van je fiets lopen met de fiets tussen je hond en jezelf in. 

Wen hem ook aan verkeer. Verloopt dat naar wens dan probeer je een kort stukje te fietsen met je hond aan de rechterkant van de fiets. Je hond mag niet trekken, maar moet rustig in draf naast je blijven lopen. Nog een reden om niet te vroeg te beginnen, want je moet dus al een zekere mate van appèl op je hond hebben.

Hoe snel je begint met serieus opbouwen hangt van de hond af: als hij in de eerste zes maanden van zijn leven niet langer dan een dag mank is geweest (of liever nog helemaal niet) kun je dan al rustig aan beginnen met wennen.

Wat kun je bereiken?

Ten eerste natuurlijk een goede conditie voor je hond en jezelf. Daarnaast kun je ook een diploma halen: het U.V. (UithoudingsVermogen). Ook wel AdPr (IPO Ausdauer Prüfung) genoemd.

Dit is een proef waarbij je hond 20 km naast de fiets moet lopen in een tempo tussen de 12 en de 15 km per uur, op verschillende soorten wegdek. 

Het traject is verdeeld in drie etappes: 7 km fietsen wordt gevolgd door 15 minuten pauze, waarna je 8 km fietst en 20 minuten pauze krijgt, na de laatste 5 km fietsen en 15 minuten rust moet je hond nog een paar appél oefeningen lopen om te laten zien dat hij snel van alle inspanningen kan herstellen. 

In iedere pauze mag je hond wat drinken en wordt hij door een keurmeester gecontroleerd op oververmoeidheid, conditie van de voetzolen, hartslag en andere mogelijke blessures.

Je hond moet minimaal 16 maanden zijn voor hij aan dit examen deel mag nemen.

Tips gezondheid en veiligheid

  • In verband met de verkeersveiligheid laat je je hond altijd rechts van de fiets lopen
  • Houd je hond goed in de gaten, stop als hij aangeeft dat het niet lekker gaat
  • Stop onmiddellijk als je hond mank gaat lopen
  • Laat je hond goed zijn behoefte doen vóór je gaat fietsen
  • Vanaf twee uur voor het fietsen geen eten meer geven, en weinig laten drinken
  • Geef in de pauzes maar een paar slokjes water en bij thuiskomst, na ongeveer een half uur, vers water (niet te koud)
  • Fiets in een rustig en gelijkmatig tempo, zeker in het begin
  • Een fietscomputer is handig om de afstand en snelheid goed te kunnen meten
  • Je hond moet in draf meelopen, met rennen (galop dus) worden zijn gewrichten teveel belast
  • Fiets bij voorkeur niet in de volle zon en train helemaal niet als de temperatuur boven de 22 graden Celcius komt
  • Je hond kan zijn warmte alleen kwijt door te hijgen en via zweet op zijn voetzolen, asfalt is in de zon dus al snel veel te heet (risico oververhitting en stuklopen van de voetzolen)
  • Controleer regelmatig de voetzolen van je hond, onderweg tijdens pauzes en thuis nog een keer
  • Regen zorgt voor verweking van de voetzolen, ook dan oppassen met trainen
  • Als er gestrooid is in de winter spoel je de voetzolen van je hond bij thuiskomst goed af, pekel kan erg irriteren en kapotte voetzolen in de hand werken
  • Heeft je hond witte of roze voetzooltjes, let dan extra goed op. Deze zijn namelijk gevoeliger en beschadigen daarom sneller.
  • Aan de kanten van de wegen (goten) ligt vaak troep als glas, steentjes, blik, enz. Houd daar rekening mee en laat je hond óf ruim in de berm lopen, of (als het verkeer dat toelaat) wat verder op de weg
  • Train op afwisselende ondergronden: klinkers, zandpaden, gras, asfalt, enz.
  • Laat je hond op rustdagen zwemmen, dit ontspant de spieren en dat komt het herstel van de training ten goede
  • Neem voor de zekerheid je mobiel mee en verbandmiddelen
  • Een springer is handig als je beide handen aan het stuur wilt houden, die zorgt er ook voor dat je hond niet in de spaken terecht kan komen en houdt je fiets beter in balans
  • Ga je fietsen in het (schemer)donker? Zorg dan dat je hond opvalt door hem een reflecterende band/tuigje om te doen of daar een lampje aan te bevestigen. Zo zien andere weggebruikers hoe breed jullie zijn.
  • Zonde om die prachtconditie in te laten zakken, onderhouden dus, zie het onderhoudsschema om de conditie op peil te houden.
DKGEL locatie

ADRES
Zeedijk 53
4871 NM  Etten-Leur
(Industrieterrein Zwartenberg)

CONTACT
e-mail: janinekeur70@hotmail.com
mobiel: 06 25 24 45 99